You are currently browsing the tag archive for the ‘fotograaf in bijberoep’ tag.

Op de blog van de Britse fotograaf Tony Sleep stond onlangs een tirade, gericht tegen bedrijven die niet voor foto’s wilden betalen. We hebben het allemaal al meegemaakt. Iemand die vraagt of hij onze foto’s mag gebruiken op zijn website in ruil voor een naamsvermelding.

Stel je voor zegt Sleep dat je een restaurant binnenstapt met de melding dat je eens lekker wil eten, maar dat je geen budget hebt. In ruil voor het gratis eten ben je bereid al je vrienden te vertellen waar je gegeten hebt ? Denk je dat je kans maakt ? Niet dus. Waarom zou het dan wel moeten kunnen bij fotografen ?

Je hebt ook mensen die je in een later stadium betaald werk beloven, als je de beelden nu maar gratis geeft. In dat geval vraag je een contract zegt de Britse fotograaf. En als men niets op papier wil zetten, dan zijn het bedriegers die je vertrouwen niet waard zijn.

Ik hoef geen gratis ‘exposure’ zegt Sleep. Ik wil een gezonde win-win-relatie opbouwen met een klant. Ik doe zaken met open vizier, in alle eerlijkheid en met respect voor de tegenpartij. Dus verwacht ik die houding ook van mijn klanten. En als gratis belangrijker is dan kwaliteit, ga dan op een ander.

Sleep gaat verder : Net zoals ieder ander moet ik al mijn rekeningen kunnen betalen op het einde van de maand. Er bestaan geen gratis camera’s, gratis printers, gratis software, enz. Waarom zou ik dan gratis werken voor goed betaalde bedelaars ? Sleep haalt het voorbeeld aan van een CEO die 3,3 miljoen pond per jaar verdient, die vind dat mooie foto’s op de bedrijfswebsite meer vertellen dan een uitgeschreven tekst. En toch wou ze niet betalen voor de beelden want ‘pixels kosten toch niets ?’. Dat de mooie foto’s tot stand gekomen waren door te investeren in tijd en geld, ontging haar volledig.

En om te eindigen, gooit Sleep nog volgende oneliner op zijn blog : Als het dan toch zo makkelijk en goedkoop is, maak dan zelf je foto’s.

Het originele artikel kan je leven op http://tonysleep.co.uk/no-budget-for-photos.

Advertenties

                                                                        Amateurfotografen die overwegen om van fotografie hun beroep te maken, doen dit meestal omdat ze geld willen verdienen met hun passie.  Eens men echter een BTW-nummer heeft aangevraagd, blijkt men dat financiële luik snel te vergeten. Men begint haast gratis te werken om toch maar een opdracht binnen te rijven. Ik moest hieraan denken toen ik in het boek van Wouter Torfs las, ‘De ziel zit in een schoenendoos’, over het vierwindstrekenmodel van Jan Pieter Van Vlieshout. Hierbij worden de verschillende aspecten van een bedrijf, dus ook dit van een fotograaf, voorgesteld als een windroos. Het oosten staat voor spiritualiteit, zingeving en missie, zoals we dat kennen in Aziatische landen. Als zelfstandige begin je een zaak vanuit een zekere overtuiging. Het zuiden staat voor de passie en de emotie van mediterane landen. Bij veel starters waait de wind dus uit zuidoostelijke richting. Het noorden van de windroos staat voor de efficiëntie van Scandinavische landen. Passie is niet genoeg, je moet het ook doen. Daarvoor heb je bepaalde manieren van werken nodig, liefst zo effectief mogelijk. Daarom schakelen we tools als Lightroom bijvoorbeeld in. Het westen tenslotte staat voor het kapitalistische luik. Je wil als fotograaf geld verdienen met je werk om er van te kunnen leven en om te kunnen investeren. In Amerikaanse multinationals waait voornamelijk een noordwestenwind : Zo efficiënt mogelijke bedrijfsprocessen met het doel zo veel mogelijk geld te verdienen. Een goed bedrijf zegt Wouter Torfs, bevindt zich in het midden van de windroos. Er is een missie, men werkt met passie op een zo effektief mogelijke manier, zodat er ook geld in het laadje komt. Starters dienen daar rekening mee te houden en niet in de zuidoostelijke hoek te blijven zitten.

Eén van de basisregels in marketing is dat je je moet specialiseren en je inspanningen moet richten op één bepaalde doelgroep.  Je bent een portretfotograaf, een architectuurfotograaf of een productfotograaf bvb. Wie op zijn website zegt dat hij in alles gespecialiseerd is, en heus die mensen zijn er, komt ongeloofwaardig over. Bovendien is het ook een kostelijke zaak om op verschillende markten te willen werken. Je moet een groot assortiment lenzen en ander materiaal in huis halen en overal naamsbekendheid opbouwen.

Als starter is het erg moeilijk om een richting te kiezen. Je hebt immers nog niet genoeg werk en dus pak je elke job aan die je kan krijgen. Als ze je een eerlijk tarief betalen toch. Ben je dan slecht bezig ? Gelukkig niet. Het is niet omdat je je specialiseert in een bepaalde tak van de fotografie, dat je geen andere opdrachten meer mag aannemen. Het wil enkel zeggen dat je je naamsbekendheid opbouwt in die sector waarin je goed bent. Als foodfotograaf ga je vooral netwerken bij uitgeverijen van foodmagazines en boeken bijvoorbeeld. Maar als je daarnaast een huwelijk kan doen, dan moet je dat zeker niet laten liggen. Je moet je enkel afvragen als welk soort fotograaf  de mensen jou moeten kennen. Personal branding noemt dat. Daarover meer in mijn volgend blogartikel.

Facebook, Netlog, Twitter,… alle grote bedrijven zijn tegenwoordig aktief op de zogenaamde sociale media. Ze hebben zelfs sociale media managers in dienst die niets anders doen dan artikels schrijven voor relevante blogs. Maar heeft het zin voor een fotograaf om hier tijd aan te spenderen ? Op de website van Quero Media vinden ze van wel, meer nog, Facebook is voor een kleine KMO interessanter dan voor een multinational. Als klein bedrijfje heb je weliswaar minder fans, maar deze zijn meer waard omdat je je dan ook persoonlijker kan opstellen in je communicatie. Coca Cola kan onmogelijk alle berichtjes op het internet beantwoorden. Maar een fotograaf met pakweg 300 fans op Facebook kan dat wel. Een onderzoek van Wildfire Interactive heeft aangetoond dat 92% van je fans je merk zullen aanraden aan vrienden. Dit creërt een enorm sneeuwbal effect natuurlijk. Maar liefst 36% van je fans zouden volgens het onderzoek een verhoogde belangstelling tot aankoop hebben van je produkt sinds ze fan geworden zijn.  Als je met deze mensen in contact kan blijven en regelmatig met hen kan communiceren, dan zit je op een goudmijn.

Onderzoek_Facebook

Gisteren sprak ik op Unizo’s Startersdag in Edegem voor een groep jongeren die een carrière als fotograaf willen beginnen. Nadien had ik een gesprek  met een aantal mensen. Uit de feedback bleek dat er naast de theorie ook interesse bestond in mijn persoonlijk verhaal. Men wou weten welke weg ik de voorbije 5 jaar heb afgelegd om een fulltime fotograaf te worden. Bedankt mensen voor deze feedback, ik ga daar rekening mee houden. Ook op dit blog zal ik regelmatig iets vertellen over mijn eigen ervaringen. Laat me beginnen met iets dat me deze ochtend overkwam.

Ik werk al een tijdje voor een klant die me regelmatig opdrachten geeft. Her en der ga ik beelden nemen in Vlaanderen die moeten dienen voor de website en het magazine van deze organisatie. Tot vorige week had ik nooit auteursrechten aangerekend aan deze klant. Het gebruik van mijn beelden in het eigen ledenblad was namelijk inbegrepen in mijn prijs. De foto’s die ik nam tijdens mijn laatste opdracht moesten echter dienen voor een commerciële brochure. Om die reden vermeldde ik op de factuur een apart bedrag voor mijn auteursrechten. Twee dagen erna had ik de klant aan de lijn die moeilijk deed over deze, wat hij noemde, extra kosten. Op zo’n moment heb je twee opties. Op je gelijk staan en de auteursrechten aanrekenen waar je recht op  hebt, of op lange termijn denken en de relatie met deze klant laten primeren. Aangezien de toekomstige inkomensstroom van deze kliënt vele malen hoger is, dan het bedrag dat ik eenmalig voor mijn auteursrechten kon vangen, besloot ik af te zien van mijn rechten.

Deze ochtend werd ik gebeld door een medewerker van deze klant met de vraag of ik vandaag of morgen foto’s kon nemen voor hen. Aangezien mijn agenda volboekt is deze week, kon ik me pas volgende week maandag vrijmaken voor deze opdracht. Om de klant toch verder te kunnen helpen gaf ik de gegevens van een paar collega’s door die hem eventueel konden helpen. Twee minuten nadat ik het gesprek had beëindigd, rinkelde mijn gsm opnieuw. Het was weer de medewerker van daarnet. De baas had beslist dat de opdracht kon uitgesteld worden tot maandag, als ik de opdracht maar kon doen.

Wat is de moraal van dit verhaal ? Ga nooit voor de korte winst, maar stel steeds de langetermijnrelatie met de klant voorop. Niet natuurlijk als zo’n klant je voortdurend te weinig betaalt. Maar als hij een correcte prijs betaalt, is het soms beter van niet het onderste uit de kan te willen halen. Indien ik vorige week écht op mijn auteursrechten had gestaan, dan had ik volgende week alvast twee opdrachten op mijn buik kunnen schrijven. Als je in  het verleden een vertrouwensrelatie hebt opgebouwd met deze organisatie en als je die wil behouden, dan moet je zoals in elk huwelijk soms water bij de wijn doen.

Op 28 april van dit jaar postte Laurence Kim een artikel op zijn blog met als titel ‘The photography business and the american dream’. Hij haalt daarin een aantal redenen aan om te besluiten dat financieel gezien fotografie ‘a lousy job’ is. Die redenen zijn de volgende volgens Kim :

Lage instapdrempel : iedereen met een reflexcamera en een BTW-nummer kan zich fotograaf noemen. Je hebt geen diploma nodig of attest van bedrijfskunde. Camera’s met steeds meer pixels dalen alsmaar meer in prijs.  En dus stijgt het aantal fotografen elk jaar.

– Als fotograaf werk je op basis ‘uurtje-factuurtje’. In ruil voor je fotografische activiteit betaalt de klant je een vergoeding. Aangezien je maar voor één klant tegelijkertijd kan werken en er maar 24 uren in een dag zijn, ben je zowieso beperkt in je groeimogelijkheden.

– Niemand wil nog geld geven voor de overname van een fotostudio. Met wat geluk kan je op het einde van je loopbaan je materiaal nog kwijt aan een spotprijsje op de tweedehandsmarkt.

– Je hebt geen sociale voordelen zoals een ziekteverzekering en weinig of geen pensioenrechten.

Ik kan mij enkel aansluiten bij de eerste twee argumenten, zijnde de lage instapdrempel en de beperkingen van het werken op one-to-one basis. Het feit dat je geen diploma meer moet hebben om dit beroep uit te oefenen is te stom voor woorden. Natuurlijk bewijst een diploma nog niet dat je goede foto’s maakt, maar het aantal beunhazen dat nu geen diploma heeft en ook geen besef heeft van lichtinval of compositie is  veel groter dan in een situatie met diploma.

Dat je als zelfstandig fotograaf zelf moet zorgen voor je ziekteverzekering geldt voor elke zelfstandige. Als je daar niet mee kan leven, moet je gewoon in dienstverband blijven werken.

Hoe kan je dan wel overleven volgens Laurence Kim ? Ziehier zijn tips :

Kies de juiste echtgenoot of echtgenote. Iemand met een vast inkomen die het gezin kan onderhouden…( Romantische kerel die Laurence)

Druk je kosten. Stop met veel geld uit te geven aan camera’s, lenzen, updates van software, reclame in kranten en magazines. Hier heeft hij een punt. Als je klant er niet beter van wordt, doe de investering dan niet. Zal Photoshop CS5 je klantgerichter maken dan werken met CS4 ? Reclame maken op Facebook of een blog opstarten kost weinig of niets.

Investeer je geld niet IN fotografie, maar BUITEN fotografie. Beleg het geld in aandelen, kasbons of andere beleggingsproducten. Hierin volg ik Kim niet. Wat is de beste belegging van de voorbije jaren ? Juist, onroerend goed. Dus kan je beter je geld beleggen in je eigen zaak en je eigen fotostudio in plaats van het in een ander bedrijf te investeren. Dat niemand nog geld geeft voor een fotostudio is nogal kort door de bocht. Voor de flitsers en toebehoren misschien niet, maar het gebouw zal blijvend in waarde toenemen.

Mijn besluit is dat fotografie inderdaad geen grote honingpot is, maar dat wie doelgericht investeert in zijn eigen zaak en de juiste prioriteiten legt, toch zijn boterham kan verdienen.  Als je later het gebouw verkoopt of verhuurt, heb je een mooie bonus voor je pensioen. Belangrijk is echter dat de kwaliteit die je levert een duidelijke meerwaarde moet betekenen voor de klant ten opzichte van de foto’s die de bijverdienende amateur maakt.

Copyright Francis Tilborghs

Gisteren maakte ik een fotoreportage op een marketingseminarie voor de modesector. Eén van de sprekers was Wouter Torfs, de CEO van de gelijknamige schoenenretailer. De schoenwinkel die zijn grootmoeder destijds opstartte in Lier, is nu uitgegroeid tot een keten met 500 werknemers. Torfs is verkozen tot beste schoenwinkel in 2010 en behaalde ook reeds 3 keer de titel van beste werkgever. Waarom ik u dit allemaal vertel ? Omdat de missie en de visie van Wouter Torfs net zo goed geldt voor fotografen. Klantgerichtheid boven alles. ‘De klant komt altijd van rechts’ zegt Torfs, m.a.w. de klant heeft altijd voorrang. En als de klant niet tevreden is, ga dan niet in discussie, maar zoek een oplossing voor zijn/haar probleem. Streef ook niet naar transactie, maar naar transformatie. Transactie staat voor het per se willen verkopen van een fotoshoot in ons geval. Transformatie staat naar het omvormen van een prospect naar een klant. Als de klant niet zeker is of hij wel een fotoshoot wil, geef hem dan tijd om er een nachtje over te slapen. Hij zal dat appreciëren en de kans dat je hem als klant binnenhaalt is veel groter dan in het geval je hem zou pushen tot aankoop. Wil je meer weten over Wouter Torfs en zijn boek ‘De ziel zit in een schoendoos’, klik dan hier.

Laat ik dit artikel beginnen met het vertellen van een anekdote. Een houthakker was al een ganse dag bezig met het kappen van bomen in een groot woud. Bij het krieken van de dag verliep alles zeer vlotjes. De man had energie en motivatie te over, en de bijl kliefde als boter door het hout. Maar naarmate de uren verstreken, de vermoeidheid toesloeg en de bijl botter werd, ging het werk moeizamer vooruit. Een oude wijze man die reeds een tijdje het gebeuren stond gade te slaan, vroeg de houthakker ‘Waarom scherp je je bijl niet aan ?’. ‘Omdat ik geen tijd heb’ was het antwoord van de houthakker. ‘Ik moet nog zoveel bomen kappen’. Hetzelfde overkomt je als fotograaf. Je begint vol goede moed aan je professionele carrière en de opdrachten beginnen langzaam maar zeker binnen te lopen. Op een bepaald moment heb je het zo druk, zeker als je daarnaast nog een andere job hebt, dat je geen tijd meer maakt voor workshops en opleidingen. Langzaam maar zeker geraak je opgebrand en het maken van een fotoreportage kost je dan steeds meer moeite. Zorg er dus altijd voor dat je tijd vrij maakt voor jezelf zodat je verder kan groeien en je je business eens van op afstand kan aanschouwen. Alleen zo hou je het vol op lange termijn en blijft fotograferen een uitdagende en leuke job. Hou dus je bijl scherp !

In de normale economische wereld speelt er een spel van vraag en aanbod. Als de prijzen dalen, dan zakt het aantal aanbieders van een bepaald product of dienst omdat de zaken niet langer winstgevend zijn.  Maar fotografie is blijkbaar geen normale economische activiteit. Want hoewel de prijzen voor fotoshoots al jaren in dalende lijn zijn, vragen steeds meer amateurfotografen een BTW-nummer aan om beroeps te worden. Waarom investeert iemand al zijn spaargeld in peperdure camera’s, objectieven en computers  met bijhorende software, om dan voor een appel en een ei foto’s te gaan nemen voor kennissen en vrienden. Soms zelfs gratis. Enig zelfonderzoek is dus hier zeker op zijn plaats.  Voor mezelf zie ik drie categorieën :

1. De economisten : zij die een BTW-nummer aanvragen omdat ze dan de aankopen die ze doen in het kader van hun hobby, kunnen recupereren via hun belastingsbrief. Ze doen een paar trouwreportages, brengen hun kosten bij de fiscus in, en hun fotohobby kost hen niets meer. Slim gerekend van die kerels.

2. De opportunisten : Nederlandse fotografen spreken in dit verband soms over ‘beunhazen’. Je voelt de bitterheid in hun woorden als beroepsfotografen het over beunhazen hebben. Dit is een categorie die het fotograferen van evenementen zoals huwelijksreportages als een leuke bijverdienste ziet. Ze hebben niet de bedoeling  ooit pro te worden en werken meestal aan (te) lage prijzen. De meesten van hen hebben ook nooit fotografie gestudeerd. Hun klanten zijn mensen die prijs belangrijker vinden dan kwaliteit.

3. De die-hards : diegenen die in bijberoep starten met de ambitie om ooit fulltime hun brood te verdienen met hun foto’s. Ze hebben de drive en de passie om een steeds betere fotograaf te worden. Fotograferen is hun leven. Ze verslinden allerlei fotomagazines, raadplegen fotografenwebsites en oefenen zich te pletter. Ze hebben genoeg zelfrespect om een eerlijke prijs te vragen voor hun werk zodat ze de markt niet kapot maken.

Indien je tot de derde categorie behoort, proficiat dan. Maar stel je toch maar verder de vraag ‘Waarom fotograaf ik eigenlijk ?’. Daarover meer in een volgende blogpost.

Archief

Advertenties